Category:

ABN AMRO Clearing schoot tekort bij blokkeren dividendbeurstransacties

Korte introductie

In een civiele procedure over geblokkeerde effectentransacties heeft het Gerechtshof Amsterdam geoordeeld dat ABN AMRO Clearing Bank toerekenbaar tekort is geschoten tegenover haar cliënten. De zaak betrof omvangrijke beurs- en dividendgerelateerde transacties die door de clearingbank werden geweigerd, ondanks gemaakte afspraken over het opheffen van handelsbeperkingen.

Dirk de Waard trad in deze zaak op voor de vennootschappen die door het hof in het gelijk zijn gesteld. Over de uitspraak is gepubliceerd in Het Financieele Dagblad in het artikel “Dochter ABN AMRO in de fout met weigeren dividendbeurshandel”. De zaak is daarnaast besproken in de FD-podcast Dagkoers, in de aflevering “Frank H. werd veroordeeld wegens fraude maar krijgt nu miljoenen van ABN Amro”.

FD-artikel:
https://fd.nl/financiele-markten/1504767/dochter-abn-amro-in-de-fout-met-weigeren-dividendbeurshandel

FD-podcast Dagkoers:
https://fd.nl/bedrijfsleven/1504948/dagkoers-frank-h-werd-veroordeeld-wegens-fraude-maar-krijgt-nu-miljoenen-van-abn-amro

Clearingbank mag relatie beëindigen, maar moet afspraken nakomen

Banken en clearinginstellingen hebben ruime bevoegdheden om risico’s te beoordelen, handelsrelaties te monitoren en — onder omstandigheden — cliëntrelaties te beëindigen. Dat betekent echter niet dat een bank contractuele afspraken naast zich neer kan leggen.

In deze zaak had ABN AMRO Clearing Bank eerder handelsbeperkingen opgelegd. Na een kort geding had de bank toegezegd de beperkingen tijdelijk op te heffen. Volgens het hof heeft de bank zich vervolgens niet aan die afspraak gehouden door opnieuw transacties te blokkeren.

Daarmee stond niet centraal of de bank in algemene zin afscheid mocht nemen van de cliëntrelatie. De kern was of ABN AMRO Clearing Bank gemaakte afspraken mocht doorkruisen door reeds geplande transacties alsnog te weigeren.

Reputatieschade en mogelijke miljoenenclaim

Doordat de transacties niet doorgingen, kwamen de betrokken beursvennootschappen volgens het hof in de problemen tegenover hun wederpartijen. Het ging daarbij om professionele marktpartijen, waaronder grote financiële instellingen in Londen.

Het hof oordeelde dat de blokkade ertoe leidde dat de vennootschappen wanprestatie pleegden tegenover hun eigen contractspartijen. Dat raakt niet alleen de directe financiële schade, maar ook de commerciële reputatie van een handelsbedrijf in een markt waarin betrouwbaarheid, snelheid en uitvoering van transacties essentieel zijn.

De zaak krijgt daarom een vervolg in de schadestaatprocedure. In die procedure moet de omvang van de schade nader worden vastgesteld en onderbouwd.

Belang voor ondernemingen en financiële instellingen

Deze uitspraak is relevant voor ondernemingen die afhankelijk zijn van banken, brokers, clearinginstellingen of andere financiële dienstverleners. Financiële instellingen hebben een belangrijke poortwachtersfunctie en moeten risico’s serieus beoordelen. Tegelijkertijd blijven zij gebonden aan hun contractuele verplichtingen en aan concrete toezeggingen die zij aan cliënten doen.

Voor ondernemingen bevestigt de zaak dat een bank of clearinginstelling niet zonder meer alle operationele schade bij de cliënt kan neerleggen wanneer zij, ondanks eerdere afspraken, handels- of betalingsmogelijkheden blokkeert.

Voor financiële instellingen onderstreept de uitspraak het belang van zorgvuldige besluitvorming, duidelijke communicatie en consistente uitvoering van afspraken, zeker wanneer cliënten afhankelijk zijn van tijdige uitvoering van transacties.

Praktische lessen uit deze zaak

Deze zaak laat zien dat bij conflicten met banken en financiële instellingen steeds scherp moet worden gekeken naar:

  1. de contractuele verhouding tussen bank en cliënt;
  2. de concrete afspraken die tijdens een conflict of kort geding zijn gemaakt;
  3. de vraag of de bank haar eigen compliance- en risicobeoordeling zorgvuldig heeft toegepast;
  4. de gevolgen van blokkades voor lopende transacties en derdenrelaties;
  5. de bewijspositie voor schade, reputatieschade en gemiste transactieresultaten.

Voor ondernemingen is het belangrijk om communicatie met banken, brokers en clearingpartijen zorgvuldig vast te leggen. Juist wanneer een bank zich beroept op compliance, marktmisbruikrisico’s of reputatierisico’s, kan later beslissend zijn wat precies is toegezegd, wanneer beperkingen zijn opgelegd en welke transacties daardoor niet zijn uitgevoerd.

Over deze zaak

Dirk de Waard trad in deze zaak op voor de vennootschappen die door het Gerechtshof Amsterdam in het gelijk zijn gesteld. Over de uitspraak is op 31 januari 2024 gepubliceerd in Het Financieele Dagblad onder de titel “Dochter ABN AMRO in de fout met weigeren dividendbeurshandel”. Het FD besteedde daarbij aandacht aan het oordeel dat ABN AMRO Clearing Bank toerekenbaar tekort was geschoten door reeds geplande dividendgerelateerde beurstransacties te blokkeren ondanks gemaakte afspraken. De zaak is ook besproken in de FD-podcast Dagkoers, in de aflevering Frank H. werd veroordeeld wegens fraude maar krijgt nu miljoenen van ABN Amro. Daarin werd de achtergrond van de zaak en het mogelijke financiële vervolg verder toegelicht.

De zaak krijgt een vervolg in de schadestaatprocedure, waarin de omvang van de schade nader moet worden vastgesteld.

Heeft uw onderneming een geschil met een bank, broker, aandeelhouder, koper, verkoper of andere contractspartij? Deze site publiceert inzichten over corporate litigation, aandeelhoudersgeschillen, M&A-conflicten en contractuele aansprakelijkheid.

Neem contact op met Dirk de Waard voor overleg over de juridische positie, processtrategie en commerciële opties op dirk.dewaard@viottalaw.com.

By VIOTTA.

Recent cases.

This is what we do best.

Expertise.