Nederland is hard op weg om ambitieuze ondernemers en startups het beste investeringsklimaat van Europa te bieden. Desalniettemin, blijft Nederland achter bij landen als het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten. De bestaande wetgeving maakt het Nederlandse startups moeilijk om talentvol personeel aan te trekken en te behouden. In 2020 waren de investeringen in technologiebedrijven in Nederland € 1,1 mrd, terwijl dit in het Verenigd Koninkrijk € 10,4 mrd en in Amerika (Sillicon Valley) € 45 mrd was. 40% van de investeringen in Nederland wordt gedaan door Amerikaanse investeerders.

Advocaat ondernemingsrecht Dirk de Waard bespreekt in dit artikel de huidige regeling in Nederland en de Wet aanpassing fiscale regeling aandelenoptierechten, die Nederlandse startups aantrekkelijker probeert te maken voor talentvolle werknemers. Daarnaast wordt een vergelijking gemaakt met de regelgeving in de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk en Duitsland.

Huidige regeling omtrent aandelenoptierechten

Het succes van de meeste startups is voor een groot deel te danken aan de kwaliteit van zijn werknemers. Veel startende ondernemingen hebben niet voldoende omzet of winst om hun werknemers aantrekkelijke salarissen betalen. Daarom belonen zij hun werknemers een lager salaris met aandelen of opties op aandelen. Onder de huidige regels wordt het voordeel dat wordt behaald bij uitoefening van de aandelenoptie – dus bij de verkrijging van de aandelen – in de belastingheffing betrokken als voordeel uit dienstbetrekking genoten en wel als loon (in natura) tot een belastingtarief van 52%.

De huidige regelgeving in Nederland belast de aandelenoptierechten op het moment van uitoefening. Dit heeft tot gevolg dat werkgever en werknemer belasting dienen te betalen over de waarde van de aandelen die de werknemer nog niet heeft kunnen verzilveren bij een beursgang of verkoop van de onderneming. In de praktijk worden de optierechten verstrekt met een contractuele beperking of vervreemdingsrestrictie (“lock-up”) met de bedoeling de werknemer aan de onderneming te binden. Als gevolg van een dergelijk liquiditeitsprobleem is het onaantrekkelijk voor startups om de aandelenoptierechten als instrument te gebruiken om goede werknemers binnen te halen en te houden.

Huidige regeling omtrent aandelenoptierechten

Het succes van de meeste startups is voor een groot deel te danken aan de kwaliteit van zijn werknemers. Veel startende ondernemingen hebben niet voldoende omzet of winst om hun werknemers aantrekkelijke salarissen betalen. Daarom belonen zij hun werknemers een lager salaris met aandelen of opties op aandelen. Onder de huidige regels wordt het voordeel dat wordt behaald bij uitoefening van de aandelenoptie – dus bij de verkrijging van de aandelen – in de belastingheffing betrokken als voordeel uit dienstbetrekking genoten en wel als loon (in natura) tot een belastingtarief van 52%.

De huidige regelgeving in Nederland belast de aandelenoptierechten op het moment van uitoefening. Dit heeft tot gevolg dat werkgever en werknemer belasting dienen te betalen over de waarde van de aandelen die de werknemer nog niet heeft kunnen verzilveren bij een beursgang of verkoop van de onderneming. In de praktijk worden de optierechten verstrekt met een contractuele beperking of vervreemdingsrestrictie (“lock-up”) met de bedoeling de werknemer aan de onderneming te binden. Als gevolg van een dergelijk liquiditeitsprobleem is het onaantrekkelijk voor startups om de aandelenoptierechten als instrument te gebruiken om goede werknemers binnen te halen en te houden.

Wet aanpassing fiscale regeling aandelenoptierechten: wat verandert er?

In het wetsvoorstel wordt het moment dat de aandelenoptierechten wordt belast (heffingsmoment) verschoven. Met het wetsvoorstel is de werknemer loonheffing verschuldigd wanneer de aandelen verhandelbaar zijn. De regeling probeert zo te voorkomen dat startups en hun werknemers liquiditeitsproblemen hebben wanneer ze hun aandelenoptierechten willen uitoefen. Een deel van de aandelen kunnen dan indien nodig worden verkocht. De mogelijkheid blijft overigens bestaan om de oude regeling toe te passen waardoor de belastingheffing plaatsvindt op het moment van uitoefenen van de opties.

De maatregel wordt als generieke maatregel ingevoerd voor elke inhoudingsplichtige die een werknemer een aandelenoptierecht aanbiedt. Daarmee wordt ook in andere situaties waarin de beschikbaarheid van liquide middelen eveneens een rol speelt om al dan niet gebruik te maken van een aandelenoptierecht tegemoetgekomen.

Het wetsvoorstel meent het verstrekken van aandelenopties als loon aan werknemers aantrekkelijk te maken. De belasting vindt plaats afhankelijk of de aandelen direct verhandelbaar zijn:

  1. De aandelen zijn direct verhandelbaar bij uitoefening. Het belastbare voordeel is de marktwaarde van de aandelen op het moment van uitoefening, met aftrek van de betaalde uitoefenprijs;
  2. De aandelen worden verhandelbaar zodra een contractuele of wettelijke beperking dat toelaat. Het gaat dus niet om het moment dat de aandelen feitelijk vervreemd worden. het heffingsmoment tot maximaal vijf jaar na beursgang van de vennootschap waarin de aandelen worden gehouden dan wel indien deze vennootschap bij uitoefening van het aandelenoptierecht reeds beursgenoteerd is tot maximaal vijf jaar na uitoefening van het aandelenoptierecht uitgesteld. Het belastbare voordeel is de marktwaarde van de aandelen, met aftrek van de betaalde uitoefenprijs; of
  3. De keuzeregeling: de werknemer kiest voor uitoefening als belastbaar moment. Het belastbare voordeel is de marktwaarde van de aandelen op het moment van uitoefening, met aftrek van de betaalde uitoefenprijs. Eventueel kan een korting over de waarde van de aandelen van toepassing zijn.

Voor de berekening van de te betalen belasting wordt aangesloten bij de waarde in het economisch verkeer op het moment van heffing. Een keuze voor de oude regeling kan dus fiscaal voordelig uitpakken als de waarde van de aandelen op het moment van uitoefening van de opties lager is dan op het latere moment van verhandelbaar worden van die aandelen.

Het wetsvoorstel is uitgesteld, wat is de kritiek?  

Het wetsvoorstel ter aanpassing van het aandelenoptie regime treedt niet in werking per 1 januari 2022. Naar aanleiding van kritiek vanuit de Tweede Kamer over het wetsvoorstel, is er besloten om opnieuw naar het wetsvoorstel te kijken. De maatregel zou maar beperkt concurrerend zijn op internationaal perspectief en is er nog geen goede monitoring aanwezig zijn om te bepalen of de regeling wel het doel bewerkstelligt. Onderzocht wordt of deze regeling qua doelgroep beperkt kan worden tot alleen start-ups en scale-ups. Een aangepast wetsvoorstel wordt in 2022 verwacht.

Hoe belasten de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk en Duitsland de aandelenopties?

Het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten hebben een fiscale faciliteit die voor aandelenopties bepaalt dat het heffingsmoment wordt verschoven naar het moment van verkoop van de aandelen. Op dat moment is tevens er een lager belastingtarief (“capital gains tax”) van toepassing wat resulteert in een hoger netto voordeel van de werknemer. Duitsland heeft slechts een zeer beperkte fiscale faciliteit voor aandelenopties. Een voorstel tot wijziging van de wet is ingediend die het heffingsmoment van aandelenopties kan verplaatsen naar verkoop en de fiscale faciliteit uitbreid.

Het belastbare moment in Duitsland en het Verenigd Koninkrijk is bij uitoefening en bij verkoop. In de Verenigde Staten  worden incentive stock options (ISO’s) alleen bij de verkoop belast. Non-qualified stock options (NSO’s) hebben niet een gunstige belastingvoorziening en worden bij uitoefening en verkoop belast.

Het maximale tarief in het Verenigd Koninkrijk is een progressief tarief tot 45% en geldt vanaf GBP 150.000. In de Verenigde Staten geldt een progressief tarief tot 37% bij moment van uitoefening vanaf $ 523.600 ($ 628.300 bij een gezamenlijke aangifte met getrouwde partner) en maximaal 20% bij moment van verkoop vanaf $ 445.850 ($ 501.600 bij een gezamenlijke aangifte met getrouwde partner) In Duitsland is het maximale tarief 45% bij uitoefening en bij verkoop 25% vanaf € 274.613.

Juridisch advies over werknemersparticipatie

In Nederland zijn de regels omtrent werknemersparticipatie onaantrekkelijk en dit maakt Nederland minder aantrekkelijk voor talent. Hierdoor is het lastiger voor startups om goede werknemers te werven en te behouden. Startupsteden Londen en Berlijn zijn daarom meer in trek dan Amsterdam. De nieuwe wet aanpassing fiscale regeling aandelenoptierechten is een kleine stap in de goede richting, maar niet genoeg om te concurreren met het Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten of Duitsland. De advocaten van VIOTTA adviseren ondernemingen over verschillende vormen van werknemersparticipatie, zoals bijvoorbeeld Stock Appreciations Rights (SARs) en wij adviseren u hier graag over.

Viotta Law - Dirk de Waard

Dirk de Waard

Advocaat

Indien u een legal opinion naar Nederlands recht nodig heeft, aarzel dan niet om contact op te nemen met onze legal opinion expert Dirk de Waard at dirk.dewaard@viottalaw.com

Door VIOTTA.

Recente zaken.